Bij verschillende gelegenheden heeft de docente schrijftraining mijn voorgedragen huiswerk gekwalificeerd als ‘niets dan cynisme’.

Dat zij nimmer heeft gepoogd te luisteren naar wat mijn eigen visie op het ‘besproken’ fragment was – laat staan dat zij doorgevraagd zou hebben – maakt dat ik het als zinloos ervaar om nog langer bij haar lessen aanwezig te zijn.

Haar eigen toelichting luidde steevast: ‘met cynisme alleen kun je geen verhalen schrijven’.

Een stellingname van het kaliber ‘met urine alleen kun je geen verhalen schrijven’. Er valt niets tegenin te brengen, en zodra je dat wel probeert, maak je jezelf net zo belachelijk als de persoon die de stelling aanhangt.

Het woordenboek vermeldt bij het lemma cynisme:
een houding die voortkomt uit wantrouwen, scepsis (‘gerede twijfel’) tegenover de goede bedoelingen van de medemens, kan hoogstens spottend worden opgevat.

Cynisme grenst aan sarcasme. Sarcasme kan kort worden omschreven als ‘bijtende spot’, en dient daarmee iets serieuzer te worden genomen dan cynisme.

Ik zal proberen het verschil duidelijk te maken aan de hand van twee voorbeeldzinnen.

‘Zij is een goede docente, want zij komt al jaren trouw opdagen’ is een voorbeeld van een cynische zin, een uitspraak die getuigt van een vaststaande overtuiging aangaande de minimumeisen die de directie van een bepaalde opleiding aan haar docentencorps stelt.

‘Zij is vooral een goede docente omdat zij al jaren trouw komt opdagen’ is een sarcastische zin, omdat de spot niet zozeer het niveau van de opleiding, maar dat van genoemde docente betreft.

U bent nu in staat (zo u het niet al was) om zelfstandig vast te stellen of deze tekst cynisch danwel sarcastisch van aard is.