Dit is de elfde in een serie van (voor zover de wifi het tijdens de vakantie zal toelaten) dagelijkse reisverslagen. De aanleiding voor onze reis vindt u hier.

Teruglezend was ik gisteren in een iets te melancholische, zelfs licht pathetisch te noemen bui. Wellicht was ik onder invloed van de vele uren Country Music Television, wellicht van iets anders, wie zal het zeggen.

Vandaag heb ik gefietst, op een racefiets. Jawel, ik heb een fiets gehuurd en ik heb twee uur getracht mijn triatlete naar keuze bij te houden.

Vooral bergop bleek dat een lastige klus, al moet ik eerlijk zeggen dat de oorzaak daarvan vaak lag in mijn pogingen om de mevrouw met het grote mes bergaf niet uit het oog te verliezen.

Ik hield goed stand, ongeveer anderhalf uur lang. Toen knapte er iets, en niet enkel het elastiek waaraan ik hing. Achteraf bezien was het keerpunt van vandaag een soort Omsk, uit de dodenrit van Drs P.: een mooie stad, maar net iets te ver weg.

Het eerste wat ik me herinner is dat ik naast onze auto op een stoepje zit, met een bananenschil in de ene, en een halflege fles cola in de andere hand. Naast me zit een besmuikt glimlachende echtgenote: ‘Leuk hè, klimmen?’

Nadat ik had bewezen weer ‘boe’, ‘bah’ en ‘pap’ te kunnen zeggen, hebben we een overheerlijke pastasalade gegeten bij Milles Pâtes, een van de vele lekkere eettentjes in Mont-Tremblant.

Milles Pâtes was het zoveelste bewijs van wat ik zo langzaamaan begin in te zien: een al te eenzijdig plattelandsdieet, daar vervlakt een mens ook maar van.

Fred recenseert de hele reis:

Welkom bij aflevering 11 van mijn dagelijkse reisrecensies. Vandaag recenseer ik:

5 gigabytes

Giga, dat klinkt als boel veel, en dat is het ook. Ongeveer een miljoen kilobytes. En daar dus vijf van. Per persoon. Dat was ons hotel-internetquotum.

Maar 5 gigabytes, dat is dus helemaal niet zo veel. Aan het eind van deze middag was het allemaal op, de in totaal 10 gigabytes aan rust voor de triatlete.

Om een nieuwe toegangscode te bemachtigen heb ik al mijn charmes bij de receptioniste (63 jaar, woonachtig in Mont-Trembant, oorspronkelijk uit Quebec, twee kinderen, drie schatten van kleinkinderen) in de strijd moeten gooien.

Ik heb geslijmd, ik heb gecomplimenteerd, ik heb stroop gesmeerd. Allemaal om de rust op kamer 106 te kunnen continueren.

Dit was in meerdere opzichten virtuele prostitutie.