Dit is de negenentwintigste in een serie van (voor zover de wifi het tijdens de vakantie toelaat) dagelijkse reisverslagen. De aanleiding voor onze reis vindt u hier.

Een Western Ranch, compleet met ‘Black Horse Saloon’ (met klapdeur-entree), een eigen kerkje, en zeventig paarden. We mochten onze tent op het veld achter de stallen zetten.

En toen moesten de drie grootste watervallen van Wells Gray Park nog bezocht worden.

Fred recenseert de hele reis:

Welkom bij aflevering 29 van mijn dagelijkse reisrecensies. Vandaag recenseer ik:

de bijl en het hout

Meer nog dan hockey – wie hier ‘ice hockey’ zegt wordt door de doorgaans vrij tolerante Canadezen zonder vragen of pardon met een stick afgeranseld totdat het formaat puck is bereikt – is vuurtje stoken de Canadese nationale sport.

Na bijna drie weken rondreizen hebben we slechts twee campings bezocht waar kampvuur verboden was. Op beide campings hadden de, om het eufemistisch uit te drukken, nogal ruime plaatsen.

Op de gemiddelde camping word je als zonderling beschouwd wanneer je niet op een plaats wilt staan waar een stalen ring voor het vuur in de grond gestampt is. En de ware Canadees brandt niet alleen ’s avonds, ook ’s ochtends warmt hij zich het liefst aan verse vlammen, eventueel voorafgegaan door tien minuutjes ochtendyoga met bijl.

Dat is het lekkerst, wanneer het hout niet vlamklaar ligt, maar je zelf nog wat kunt hakken. Dat was vandaag het geval. Achter de stallen lagen dikke stammen al klaar onder een afdakje, een vrij serieuze bijl stond in een uitdagende pose in het hakblok.

Wellicht was de bijl goed scherp, wellicht het hout splijtgraag, ikzelf houd het erop dat mijn Canadees na drie weken inmiddels iets beter is geworden.

Hoe het ook zij: het ging erg lekker vandaag.