‘Mam, waar zijn die hamburgers van gemaakt?’, vroeg het ventje. Het antwoord van zijn moeder – vlees – was zo abattoir-ontwijkend, zo doelbewust geestbesparend, dat het me sterk deed denken aan de manier waarop drones worden toegepast in het leger.

De technologie van de onbemande vliegtuigjes wordt zo ver doorontwikkeld dat er binnenkort geen mens meer nodig zal zijn om ze te bedienen. Hieraan liggen twee motieven ten grondslag: het uitsluiten van menselijke fouten, en het uitsluiten van menselijk trauma.

Nu drukt er altijd nog iemand op de rode knop, vlak voordat de Predator een raket of bom loslaat op het doelwit. Nu is er altijd nog een menselijk oog dat de schade opneemt, dat de lijken telt, dat de rouwenden ziet.

Drone-gebruik blijft niet beperkt tot het leger, de politie zet ScanEagles in, voor iets wat de weinig uitsluitende term ‘crowd control’ heeft gekregen. Uit hoeveel mensen bestond een crowd ook alweer?

Het maatschappelijk drone-gebruik zal ook niet beperkt blijven tot inzet door de overheid. Onlangs kreeg een Amerikaanse bierbrouwer in Minnesota nog een verbod om zijn drone in te zetten bij de bierbezorging aan een groep ijsvissers. Is er eindelijk iemand die drones op een zinvolle manier inzet, mag het niet. Voorlopig dan. Want de wet wordt – gelukkig voor de ijsvissers – in 2015 herzien. De democratisering van de drone is niet tegen te houden.

‘Het is niet gemakkelijk om mensen te doden vanaf de computer, en dan op de begrafenis te moeten wachten om de rouwenden ook te doden.’ Aldus Brandon Bryant, een drone-piloot voor het Amerikaanse leger.

Straks hoeft dat risico op menselijk trauma aan eigen zijde niet meer in ogenschouw te worden genomen bij het nemen van de beslissing om al dan niet aan te vallen. Doden wordt een puur administratieve handeling, zoals het gebruik van tipp-ex dat vroeger was.

Ik stel me een geheime barbecue voor, in de achtertuin van een generaal. De aanwezigen, een paar generaals en handjevol veiligheidsadviseurs, bespreken de dreiging die van de Afghaanse terrorist Puntbaard uitgaat. Staand op de veranda, met een biertje in de hand, wordt beslist over diens lot. Hellfire, or no Hellfire?

Een van de oudste generaals blijft dwarsliggen, omdat de naam Puntbaard via een volledig geautomatiseerd systeem van drones, online robots en algoritmische logica tevoorschijn is gekomen.

Omdat de gemoedelijke sfeer dreigt om te slaan bestelt de jongste veiligheidsadviseur online nog wat extra vlees. Immers; een gevulde maag maakt meegaander. Acht hamburgers, zestien runderspiesjes, wat kipfilets, en een kratje bier. Dat moet voldoen.

Tien minuten later plaatst de Meat-O-Copter® de plastic bezorgdoos exact in het midden van de achtertuin, zoals de automatische mailservice van de bezorgslager beloofd had. De jonge adviseur opent het eerste biertje en geeft dat aan de dwarsligger. ‘Alsjebieft. IJskoude perfectie.’

In minder dan geen tijd is de oude generaal om, en verzendt de jonge adviseur het barbecue-verdict naar een Predator-drone die boven Afghanistan hangt. Die speurt vervolgens net zo lang tot de boordcomputer met 99 procent zekerheid heeft vastgesteld dat de baard waarboven hij cirkelt van het gezochte model is. Puntbaard, die met zijn hele familie zit te eten, is al dood voordat de licht aangeschoten oude generaal goed en wel in zijn auto is gestapt om naar huis te rijden.

We zijn het abattoir dan misschien ontwend, maar we houden nog steeds van een goede barbecue op zijn tijd.

De hemel van de nabije toekomst zal uit een grote zwerm van bezorg- en bewakingsdrones bestaan. Om redenen van efficiëntie zal iedere burger uiteindelijk zijn eigen drone toegewezen krijgen, al dan niet met Hellfire-raket eronder. Wie genoeg betaalt krijgt toegang tot de data die het ding over jou verzamelt, wie nog meer betaalt krijgt toegang tot de lanceerknop.

Mijn persoonlijke drone zal ik het koosnaampje ‘Guardian Angel’ geven. Ik zal me aan hem overgeven, ik zal zijn slaaf zijn, ik zal hem vereren als een god. Ik zal tot hem bidden, zoals het een toegewijde gelovige betaamt, ik zal het drone-evangelie verkondigen aan wie het maar horen wil, en ik zal hopen op een spoedige verlossing.